Betekenis van de pull-up
Een pull-up (optrekken) is een lichaamsgewichtoefening waarbij je jezelf aan een stang omhoog trekt tot je kin boven de stang komt, met een greep waarbij je handpalmen van je af wijzen. Het geldt als een van de beste graadmeters van relatieve bovenlichaamskracht.
Welke spieren traint de pull-up?
De pull-up is de ultieme trekoefening: de latissimus dorsi is de hoofdspier, met de biceps, de trapezius en de onderarmen als hulpspieren. Ook de core werkt mee om het lichaam stil te houden.
Pull-up versus chin-up
Bij een pull-up wijzen je handpalmen van je af (overhandse greep), bij een chin-up naar je toe (onderhandse greep). Dat kleine verschil verschuift het accent: de pull-up belast de rug meer, de chin-up de biceps. Beide zijn waardevol.
Nieuw inzicht: de pull-up meet kracht relatief, niet absoluut
Anders dan bij gewichtenoefeningen train je met de pull-up je kracht ten opzichte van je eigen lichaamsgewicht. Dat maakt hem een eerlijke maatstaf: een lichter iemand hoeft minder te tillen, een zwaarder iemand meer. Het verklaart ook waarom afvallen je pull-ups verbetert zonder dat je sterker wordt — je hoeft simpelweg minder gewicht te verplaatsen. Kracht én lichaamssamenstelling bepalen samen je prestatie.
Opbouwen naar je eerste pull-up
Kun je nog geen volledige pull-up, dan bouw je die op met de lat pulldown en met ondersteunde varianten. Zie ook het overzicht van krachttrainingsoefeningen.