Betekenis van bigorexia
Leestijd: 4 minutenZe zeggen weleens: “Hij is zo gesperd dat hij zijn armen niet meer langs zijn lichaam kan houden — gelukkig past hij nog net door de deur, zolang hij er zijwaarts doorheen gaat.” Een grapje dat doet glimlachen, maar achter de obsessie met een groot en gespierd lichaam schuilt soms een serieuze psychische aandoening: bigorexia. Bigorexia, ook wel bekend als spierdysmorfie of het omgekeerde anorexia, is een aandoening waarbij iemand er — ondanks een aantoonbaar gespierd en gezond lichaam — van overtuigd is dat hij of zij te klein en te weinig gespierd is. De term werd voor het eerst beschreven in de jaren negentig door psychiater Harrison Pope. Het woord is samengesteld uit “big” (groot) en “anorexia”, wat de verwantschap met eetstoornissen treffend weergeeft. Wat is bigorexia? Bigorexia valt officieel onder de categorie lichaamsdysmorfische stoornissen (LDS) — een psychische aandoening waarbij iemand overdreven en aanhoudend bezig is met een vermeend gebrek in zijn of haar uiterlijk. Bij bigorexia draait die obsessie specifiek om spiermassa en lichaamsomvang. Mensen met bigorexia besteden buitensporig veel tijd aan trainen, eten en het controleren van hun lichaam. Ze vermijden situaties waarbij hun lichaam zichtbaar is — zoals het strand of een zwembad — uit angst dat anderen hun ‘zwakheid’ zullen opmerken. Paradoxaal genoeg traint iemand met bigorexia soms tot het punt van uitputting of blessure, en gaat tóch naar de sportschool. “Bigorexia is de omgekeerde wereld van anorexia: het lichaam wordt als te klein gezien, hoe gesperd het ook is.” Oorzaken van bigorexia De oorzaken zijn meervoudig en kunnen biologisch, psychologisch en sociaal van aard zijn. Biologische factoren Een verstoring in de serotoninereceptoren kan leiden tot obsessief gedrag en een verstoord zelfbeeld. Genetische aanleg voor obsessief-compulsieve stoornissen vergroot de kans op bigorexia, en een hormonale disbalans — bijvoorbeeld in testosteron of cortisol — kan bijdragen aan de drang tot overmatig trainen. Psychologische factoren Een laag zelfbeeld of diepe onzekerheid over het eigen lichaam vormt een veelvoorkomende voedingsbodem. Traumatische ervaringen, zoals pesten of misbruik, kunnen leiden tot een verstoorde relatie met het lichaam. Perfectionisme speelt ook een grote rol: het lichaam wordt een ‘project’ dat nooit af is. Een comorbide obsessief-compulsieve stoornis of depressie is bovengemiddeld aanwezig bij mensen met bigorexia. Sociale en culturele factoren Sociale media spelen een cruciale rol: het constante bombardement aan beelden van ‘ideale’ lichamen wekt onrealistische verwachtingen. In bepaalde subculturen — zoals de bodybuilding- en fitnesswereld — wordt een extreem gespierd lichaam als norm gepresenteerd. Pesten vanwege een smal of ongespierd lichaam op jonge leeftijd kan een directe trigger zijn. Kenmerken en symptomen Bigorexia is niet altijd makkelijk te herkennen, omdat sporten en gezond eten maatschappelijk worden gewaardeerd. Toch zijn er duidelijke signalen: Meerdere uren per dag sporten, ook bij ziekte, blessures of sociale verplichtingen Strikt en dwangmatig dieetgedrag, gericht op eiwitinname en spiergroei Obsessief spiegelen of juist spiegels vermijden Het gebruik van anabole steroïden of andere prestatieverbeterende middelen Extreme angst of paniekreacties wanneer trainen niet mogelijk is Sociaal isolement doordat sport en dieet altijd voorrang krijgen Ondanks een duidelijk gespierd lichaam blijvend ontevreden zijn over het eigen uiterlijk De tegenpolen van bigorexia Om bigorexia beter te begrijpen, is het nuttig het te plaatsen naast verwante aandoeningen. Anorexia nervosa is het meest directe contrast. Waar iemand met anorexia zichzelf als te dik ervaart en eten vermijdt, ervaart iemand met bigorexia zichzelf als te klein en eet juist excessief veel eiwitrijke voeding. Beide stoornissen delen echter de kern: een sterk verstoord lichaamsbeeld en een obsessieve controle over het eigen lichaam. Boulimia nervosa kenmerkt zich door eetbuien gevolgd door compensatiegedrag. Bij bigorexia is het sporten geen compensatie, maar het primaire doel op zichzelf. Toch kunnen beide aandoeningen samen voorkomen. Orthorexia is een obsessie met ‘gezond’ of ‘schoon’ eten. Bij bigorexia staat voeding in dienst van spiergroei; bij orthorexia is puurheid het doel. De grens is soms dun: iemand met bigorexia kan ook orthorectisch gedrag vertonen. Gewone sportverslaving verschilt van bigorexia doordat bij bigorexia het verstoorde lichaamsbeeld centraal staat. Niet elke fanatieke sporter heeft bigorexia — het cruciale verschil zit in het psychische leed en de verminderde dagelijkse functionaliteit. Wie worden er getroffen? Bigorexia treft voornamelijk mannen — schattingen suggereren dat zo’n 1 tot 2 procent van mannelijke sporters er last van heeft. Maar ook vrouwen kunnen bigorexia ontwikkelen, al is het bij hen minder onderzocht. De aandoening komt het meest voor bij jonge mannen tussen de 18 en 35 jaar, actief in de fitness- of bodybuildingwereld. Opvallend is dat bigorexia lange tijd onderbelicht bleef, deels omdat een gesperd mannelijk lichaam maatschappelijk positief wordt beoordeeld. Daardoor zoeken mensen met bigorexia minder snel hulp, en wordt de aandoening door buitenstaanders niet als probleem herkend. Gevolgen voor gezondheid en welzijn De gevolgen reiken verder dan de sportschool: Lichamelijke schade door overtraining: gewrichtsletsel, hartproblemen en hormonale disbalansen Gezondheidsrisico’s door anabole steroïden: leverschade, vruchtbaarheidsproblemen, agressie (‘roid rage’) en cardiovasculaire schade Sociale isolatie en relatieproblemen Financiële problemen door hoge kosten voor supplementen en diëten Angst, depressie en in ernstige gevallen suïcidale gedachten Behandeling Bigorexia is behandelbaar, maar vergt specialistische zorg. Cognitieve gedragstherapie (CGT) helpt de patiënt irrationele gedachten over het eigen lichaam te herkennen en te doorbreken, met als doel een realistischer zelfbeeld en minder dwangmatig gedrag. Medicatie in de vorm van SSRI’s — ook ingezet bij obsessief-compulsieve stoornissen — kan helpen de obsessieve gedachten te verminderen. Voedings- en bewegingsbegeleiding door een diëtist en sportbegeleider helpt een gezondere relatie met voeding en beweging te herstellen. Groepstherapie en lotgenotencontact verlagen de drempel tot hulp en ondersteunen herstel op de lange termijn. Interessante feiten De term ‘spierdysmorfie’ werd voor het eerst beschreven in 1997 door psychiater Harrison Pope, na onderzoek onder bodybuilders. In de DSM-5 is bigorexia geen zelfstandige diagnose, maar valt het onder de lichaamsdysmorfische stoornis. Onderzoek toont aan dat actiepoppen zoals G.I. Joe — waarvan de verhoudingen in de loop der jaren steeds extremer werden — mogelijk bijdragen aan een verstoord lichaamsideaal bij jongens. Naar schatting gebruikt 25 tot 50 procent van de mensen met bigorexia op enig moment anabole steroïden of andere prestatieverbeterende middelen. Ondanks de … Lees verder