Betekenis van neurolinguïstiek

1
(1)

Wat is neurolinguïstiek?

Neurolinguïstiek is de studie van hoe taal in de hersenen wordt gerepresenteerd: dat wil zeggen, hoe en waar onze hersenen onze kennis opslaan van de taal (of talen) die we spreken, begrijpen, lezen en schrijven, wat er in onze hersenen gebeurt als we die kennis verwerven, en wat er gebeurt als we die in ons dagelijks leven gebruiken. Neurolinguïsten proberen vragen als deze te beantwoorden: Wat in onze hersenen maakt menselijke taal mogelijk – waarom is ons communicatiesysteem zo uitgebreid en zo verschillend van dat van andere dieren? Maakt taal gebruik van dezelfde soort neurale berekeningen als andere cognitieve systemen, zoals muziek of wiskunde? Waar in je hersenen bevindt zich een woord dat je geleerd hebt? Hoe komt een woord ‘in je op’ als je het nodig hebt (en waarom komt het soms niet in je op)?

Als je twee talen kent, hoe wissel je dan tussen die twee en hoe voorkom je dat ze elkaar in de weg zitten? Als je vanaf je geboorte twee talen leert, hoe verschillen je hersenen dan van de hersenen van iemand die maar één taal spreekt, en waarom? Is de linkerkant van je hersenen echt ‘de taalkant’? Als je door een beroerte of ander hersenletsel het vermogen verliest om te praten of te lezen, hoe goed kun je dan opnieuw leren praten? Van welke soorten therapie is bekend dat ze helpen, en welke nieuwe vormen van taaltherapie zien er veelbelovend uit? Hebben mensen die talen lezen die van links naar rechts worden geschreven (zoals Engels of Spaans) een andere taal op een andere plaats dan mensen die talen lezen die van rechts naar links worden geschreven (zoals Hebreeuws en Arabisch)? Hoe zit het als je een taal leest die wordt geschreven met een ander soort symbolen in plaats van een alfabet, zoals Chinees of Japans? Als je dyslectisch bent, waarin verschilt je brein dan van dat van iemand die geen moeite heeft met lezen? En als je stottert?

Fascinatie voor hoe onze hersenen werken

Onze hersenen slaan informatie op in netwerken van hersencellen (neuronen en gliacellen). Deze neurale netwerken zijn uiteindelijk verbonden met de delen van de hersenen die onze bewegingen (waaronder de bewegingen die nodig zijn om spraak te produceren) en onze interne en externe gewaarwordingen (geluiden, beelden, tastzin, en de gewaarwordingen die voortkomen uit onze eigen bewegingen) besturen. De verbindingen binnen deze netwerken kunnen sterk of zwak zijn, en de informatie die een cel uitzendt kan de activiteit van sommige van zijn buren verhogen en de activiteit van andere afremmen. Telkens wanneer een verbinding wordt gebruikt, wordt deze sterker. Dicht verbonden buurten van hersencellen voeren berekeningen uit die worden geïntegreerd met informatie uit andere buurten, waarbij vaak sprake is van terugkoppellussen. Vele berekeningen worden gelijktijdig uitgevoerd (de hersenen zijn een massaal parallelle informatieprocessor).

Het leren van informatie of een vaardigheid gebeurt door nieuwe verbindingen tot stand te brengen en/of de sterkte van bestaande verbindingen te veranderen. Deze lokale en lange-afstandsnetwerken van met elkaar verbonden hersencellen vertonen plasticiteit, dat wil zeggen dat ze ons hele leven kunnen blijven veranderen, waardoor we kunnen leren en (tot op zekere hoogte) kunnen herstellen van hersenletsel. Voor mensen met afasie (taalverlies door hersenletsel) kan, afhankelijk van hoe ernstig het letsel is, intensieve therapie en oefening, misschien in combinatie met transcraniële magnetische stimulatie (TMS), belangrijke verbeteringen in taal en in bewegingscontrole teweegbrengen; zie de rubriek Afasie hieronder, en de daar geplaatste links. Computerondersteunde methoden om een dergelijke intensieve taaloefening onder toezicht van een spraak-taalpatholoog mogelijk te maken, komen steeds meer beschikbaar.

Waar zit taal in de hersenen?

Deze vraag is moeilijk te beantwoorden, want hersenactiviteit is als de activiteit van een grote stad. Een stad is zo georganiseerd dat de mensen die er wonen kunnen krijgen wat ze nodig hebben om van te leven, maar je kunt niet zeggen dat een complexe activiteit, zoals het vervaardigen van een product, ‘op’ één plaats is. Grondstoffen moeten op het juiste moment aankomen, er zijn onderaannemers nodig, het product moet in verschillende richtingen worden verscheept. Zo is het ook met onze hersenen. We kunnen niet zeggen dat taal ‘in’ een bepaald deel van de hersenen zit. Het is zelfs niet waar dat een bepaald woord zich ‘op’ één plaats in iemands hersenen bevindt; de informatie die samenkomt wanneer we een woord begrijpen of zeggen, komt van vele plaatsen, afhankelijk van wat het woord betekent. Wanneer we bijvoorbeeld een woord als ‘appel’ begrijpen of uitspreken, gebruiken we waarschijnlijk informatie over hoe appels eruit zien, aanvoelen, ruiken en smaken, ook al zijn we ons daar niet van bewust. Luisteren, begrijpen, praten en lezen zijn dus activiteiten in veel delen van de hersenen. Sommige delen van de hersenen zijn echter meer betrokken bij taal dan andere delen.

Wat kan ik met deze kennis?

Beoefenaars van NLP (neuro-linguistisch programmeren) kunnen hun eigen taalvaardigheid en die van anderen slim verbeteren. Daarnaast kunnen ze technieken toepassen om mensen meer te motiveren via taal en het oppikken van signalen in de communicatie. De beste coaches, verkopers en managers maken gebruik van NLP om mensen te inspireren en leiden.

 

Hoe nuttig was dit bericht?

Klik op een ster om het te beoordelen!

Gemiddelde waardering 1 / 5. Stemmen telling: 1

Tot nu toe nog geen stemmen! Wees de eerste om dit bericht te beoordelen.

Het spijt ons dat dit bericht niet nuttig voor u was!

Laten we deze post verbeteren!

Vertel ons hoe we dit bericht kunnen verbeteren?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *